Arbeidsbeperkten

Sinds 2015 vallen mensen met een arbeidsbeperking ook onder de Participatiewet en het bijhorende regime. U moet dan denken aan mensen die voorheen of nu een SW-indicatie hebben, een Wajong-uitkering hadden of hebben, of mensen die recht zouden hebben op beschut werk of een garantiebaan. Met name oud-leerlingen uit het voortgezet speciaal-onderwijs behoren tot deze categorie van werkzoekende uitkeringsgerechtigden.

SW-bedrijf

De Westrom is in deze arbeidsmarktregio de werkplaats voor mensen met een verstandelijke, lichamelijke en/of psychische beperking. Voor mensen die niet zonder begeleiding kunnen werken of voor mensen die het normale werktempo niet kunnen bijhouden, is de sociale werkplaats in het leven geroepen. Echter, sinds 2015 kennen de sociale werkplaatsen een ‘sterfhuis-constructie’, wat wil zeggen dat er geen nieuwe werknemers worden aangenomen en dat het zittend bestaand wordt afgebouwd. Dit heeft te maken met bezuinigingen in het sociale domein. Van oudsher zijn de praktijkscholen de voorbereiding op het leven in een sociale werkplaats voor vele Nederlanders, want dat is de opleidingsplaats voor mensen met verstandelijke, lichamelijke en psychische beperkingen. De leerlingen van deze scholen komen na hun eindexamen dus niet meer automatisch terecht bij een SW-bedrijf, maar vallen onder het bijstandsregime van hun woonplaats.

De Westrom is een samenwerking van de 5 gemeenten in Midden-Limburg én dus partner voor de uitvoering van de Participatiewet: Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Roerdalen en Roermond. Het algemeen en dagelijks bestuur bestaat uit voornamelijk wethouders van de samenwerkende gemeenten. Voorts heeft de Westrom diverse onderliggende bv’s opgericht, die zich richten op allerlei taken, zoals re-integratie van bijstandsgerechtigden, schoonmaak, productie, wasserij, postbezorging (Businesspost) e.d.. In de re-integratiesector gaat jaarlijks meer dan 6 miljard euro om, dus dat levert meer subsidiegeld op dan alleen de betaalde tewerkstelling van arbeidsgehandicapten. In het Jaarverslag CRR 2015 staat een casus beschreven van een gezonde, werkzoekende uitkeringsgerechtigde met een voltooide studie die in plaats van een echte SW’er dat werk moest gaan doen in ruil voor de bijstandsuitkering én om een lesje geleerd te krijgen. Daar waar Westrom eerst was bestemd voor mensen met een arbeidshandicap, richt de Westrom zich tegenwoordig ook op mensen die langdurig werkloos zijn. Dus, mensen zonder arbeidshandicap en/of – beperking, worden onder dezelfde doelgroepen geschaard en moeten hetzelfde ongeschoolde dan wel laaggeschoolde werk doen, maar dan onbetaald. Immers, erkende SW’ers krijgen tot 130% WML betaald, en bouwen pensioen en ziektegeld op, maar langdurig werklozen moeten met behoud van (bijstands-) uitkering werken, en dat is slechts 70% WML, en bouwen dus niets op.

Mensen met een arbeidsbeperking vallen vanaf 1 januari 2015 onder het beleid van de gemeente, en dus onder ‘beschut werk’. Lees: Kennisdocument_beschut_werk_def_mrt_2016_0

De fusie tussen de sociale werkplaatsen De Risse (Weert) en Westrom (Roermond) is medio november 2016 afgeblazen vanwege vermeende tegenvallende bedrijfsresultaten: de gemeenteraad in Weert had verwacht dat voor 2015 de werknemers meer geld zouden opleveren, maar uit cijfers van “beide sociale werkbedrijven uit het derde kwartaal van vorig jaar blijkt dat het verwachte resultaat bij Westrom in 2015 uitkomt op -83 euro per werknemer, terwijl geteld was op een positief resultaat van 600 euro. De Risse behaalt in 2015 naar verwachting een opbrengst van ruim 1.400 euro per werknemer. Als sociaal werkbedrijf Westrom (Roermond, Maasgouw, Roerdalen, Echt-Susteren, Leudal) niet snel komt met een plan om de resultaten te verbeteren, dan staat de fusie met werkbedrijf Risse (Weert, Nederweert, Cranendonck) op de tocht. De gemeenteraad van Weert wil dat de Westrom-gemeenten snel met een plan komen om het resultaat te verbeteren.” (bron: www.1limburg.nl)

Over de Westrom is op http://www.doorbraak.eu/het-grote-dwangarbeid-overzicht/ het volgende te lezen: “De gemeente geeft Westrom, de sociale werkvoorziening die is omgevormd tot “arbeidsontwikkelbedrijf”, een bedrag van maar liefst 1 miljoen euro om 200 mensen een reïntegratietraject te laten volgen. Kosten per persoon: 5.000 euro. Westrom “ontwikkelt” nauwelijks betaalde arbeid, maar vooral dwangarbeid. Zoals ook in andere gemeenten gebruikelijk is, wordt met het subsidiegeld vooral de werkgelegenheid in de reïntegratie-industrie overeind gehouden, dus onder ambtenaren en andere consulenten, in plaats van werklozen aan betaalde banen te helpen.” In de gemeente Roerdalen wordt ongeveer 70% van het bijstandsbudget opgeslokt door de Westrom en de overheadkosten (dat wil zeggen het de loonkosten en aanvullende kosten van managers, directie e.d.).

SW’ers worden of op detacheringsbasis bij een inlener of direct bij Westrom (of onderliggende BV’s) in dienst genomen.

Beschut werk

In plaats van werk te doen in een sociale werkvoorziening zijn arbeidsbeperkten sinds 1 januari 2015 aangewezen op de gemeentelijke regelingen inzake beschut werk. Er zijn nog veel te weinig beschutte werkplekken voor mensen met een beperking. “De invoering van ‘beschut’ werk voor mensen met een lichamelijke, psychische of verstandelijke beperking komt veel te langzaam van de grond. Op dit moment zijn pas 45 mensen geplaatst, melden bronnen aan de NOS. Het kabinet heeft als doel dat eind dit jaar 3200 mensen zo’n werkplek hebben. De Sociaal-Economische Raad (SER) vindt dat staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken moet ingrijpen. De SER pleit ervoor dat Sociale Werkbedrijven een nieuwe rol krijgen. Het beleid is nu dat Sociale Werkbedrijven geen nieuwe mensen meer binnen krijgen, waardoor ze uiteindelijk dichtgaan (de zogeheten ‘sterfhuisconstructie’, red.).”
Volgens de regels van de Participatiewet moeten er meer banen komen voor mensen met een beperking bij bedrijven en de overheid. Het bedrijfsleven haalt hun aantallen wel redelijk, maar de overheid blijft ver achter bij de gestelde aantallen. “Voor de meest kwetsbaren zouden er structureel 30.000 beschutte werkplekken moeten komen. Voor dergelijke werkplekken zijn veel aanpassingen nodig, die door gemeenten moeten worden gerealiseerd. De beschutte werkplekken worden stapsgewijs ingevoerd. Het plan was om eind vorig jaar 1600 van dergelijke werkplekken te hebben en eind 2016 zo’n 3200 plekken. Daarvan hebben nu dus pas 45 mensen daadwerkelijk een plek gekregen.
Die lage aantallen baren de SER zorgen. Werkgevers en werknemers komen gezamenlijk tot de conclusie dat ‘beschermd werk’ nauwelijks van de grond komt. Bovendien gaat de afbouw van Sociale Werkbedrijven snel, terwijl er nog geen alternatief voor handen is.
De Participatiewet regelt dat er vanaf 1 januari 2015 geen nieuwe instroom in de Sociale Werkbedrijven is. Daarom krijgen de sociale werkplaatsen minder geld en komt het voortbestaan van deze bedrijven op het spel te staan. Volgens de SER zijn de SW-bedrijven cruciaal voor de infrastructuur en kennis voor dit soort arbeidsplaatsen. De SW-bedrijven zouden niet moeten worden gesloten, maar een nieuwe rol moeten krijgen bij de uitvoering van de banenafspraak en de Participatiewet.
Staatssecretaris Klijnsma roept wethouders op “om als de drommel dat beschut werken in te richten, zodat ook de allerkwetsbaarsten perspectief krijgen”. Zij heeft de inspectie gevraagd om nog voor de zomer uit te zoeken hoe het gaat met de invoering van beschut werk. Als daaruit blijkt dat “het niet goed op stoom komt, ga ik het bij wet regelen”, zegt zij in reactie op het SER-advies. “Ik heb het goedschiks geprobeerd met een financiële handreiking en als het dan nog niet gebeurt, moet het maar kwaadschiks.” Zij wil gemeenten dan verplichten om beschut werk te regelen. Niet iedereen is voor zo’n verplichting, zoals de vereniging van leidinggevenden in het sociaal domein Divosa. Volgens die vereniging zorgen gemeenten die geen beschut werk aanbieden vaak voor betaalbare alternatieven die ongeveer even goed zijn. Divosa (organisatie voor sociale diensten) wijst er verder op dat als mensen recht hebben op beschut werk, gemeenten verplicht zijn dat aan te bieden tot de persoon met pensioen gaat. Tegelijkertijd vindt Divosa dat het Rijk te veel bezuinigt op de financiering voor beschut werk. Gemeenten komen hierdoor geld tekort en moeten dat bedrag bezuinigen op andere taken. Bijvoorbeeld op reïntegratie van mensen in de bijstand of op de zorg aan ouderen, zieken en gehandicapten. (bron: www.nos.nl).

Link naar meer informatie over beschut werk: Beschut aan de bak

Lees ook: Regionale visie beschut werk Gemeente Roerdalen 2016

Zelf advies beschut werk aanvragen

Vanaf 1 januari 2017 is de Participatiewet gewijzigd en kunnen mensen zelf advies voor beschut werk aanvragen bij het UWV. “Voorheen kon alleen de gemeente een advies bij UWV aanvragen. Op het moment dat een persoon een positief advies beschut werk van UWV ontvangt, is de gemeente verplicht, onder bepaalde voorwaarden, deze persoon een beschut werkplek te bieden. In een ministeriële regeling wordt vastgelegd hoeveel beschutte plekken gemeenten moeten realiseren, als de behoefte zich voordoet. Over de exacte hoogte van deze aantallen vindt momenteel nog overleg plaats. Als er meer mensen zijn met een positief advies dan een gemeente beschut werkplekken beschikbaar heeft, kan het zijn dat mensen op een wachtlijst komen. De gemeente kan dan mogelijk pas in het volgende jaar een beschutte werkplek aanbieden. In de tussentijd moet de gemeente wel, in overleg met de betrokken persoon, kijken wat de mogelijkheden zijn om vooruitlopend op een beschut werkplek alvast ergens aan de slag te gaan. Het instrument beschut werk zelf is niet nieuw, maar heeft altijd onderdeel uitgemaakt van de Participatiewet. Beschut werk is en blijft werk in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden en heeft altijd de vorm van een dienstbetrekking. Waar deze dienstbetrekking wordt georganiseerd, is een keuze voor de gemeente.

Tot de doelgroep beschut werk behoren personen die niet in een reguliere baan kunnen werken maar uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden. Dit kunnen bijvoorbeeld personen vanuit de gemeentelijke doelgroep (ook niet uitkeringsgerechtigden (nuggers) en schoolverlaters) of personen met een UWV-uitkering zijn.

UWV blijft op basis van landelijke criteria (zie Besluit advisering beschut werk) beoordelen of een persoon tot de doelgroep beschut werk behoort. Het UWV verricht onderzoek naar de vraag of de persoon met arbeidsvermogen bij het verrichten van werkzaamheden is aangewezen op:

  • Een of meer technische of organisatorische aanpassingen die niet binnen redelijke grenzen door een werkgever kunnen worden gerealiseerd;
  • Permanent toezicht of intensieve begeleiding die niet binnen redelijke grenzen door een werkgever kan worden aangeboden.

Als uit het onderzoek van UWV blijkt dat de betreffende persoon aan ten minste één van deze twee landelijke criteria voldoet, wordt voor deze persoon aan de gemeente een positief advies beschut werk verstrekt. De gemeente is daarna verplicht deze persoon een beschut werkplek te bieden.” (bron: www.landelijkeclientenraad.nl)

Klik voor: Info beschut potentiele doelgroep LCR 2017

Nieuws

Van www.nos.nl op maandag 18 juli 2016:

“Veel mensen met een langdurige ziekte, aandoening of handicap zitten zonder werk. Van de 25- tot 45-jarigen met een arbeidshandicap had minder dan de helft een betaalde baan. In 2015 waren er in Nederland 1,7 miljoen mensen tussen de 15 en 75 jaar die om medische redenen moeite hadden met het vinden of uitvoeren van werk, zegt het CBS. In de leeftijdsgroep van 25 tot 45 jaar, die gemiddeld het vaakst actief is op de arbeidsmarkt, had 9,4 procent een arbeidshandicap, bijna 400.000 mensen. De helft van hen heeft recent niet gezocht naar een baan of is niet direct beschikbaar om te werken; zij horen niet bij de beroepsbevolking. Er zijn 194.000 mensen met een arbeidshandicap die wel tot de beroepsbevolking horen. Zo’n 42 procent van hen heeft betaald werk, 14 procent was werkloos. Ter vergelijking: van de niet-arbeidsgehandicapten had 87 procent een betaalde baan en was maar 9 procent werkloos. Werkzame arbeidsgehandicapten werken vaker in flexibel dienstverband of als zzp’er. Ze zijn vooral te vinden in dienstverlenende en creatieve beroepen.”

In het rapport Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) over de arbeidsmarkt van 12 oktober 2016 geeft aan dat de arbeidsmarkt  een ‘survival of the fittest’ is geworden. Arbeidsbeperkten komen steeds moeizamer aan het werk en een (slechte) gezondheid is vaak reden voor ontslag. Lees een samenvatting hier.

Wajong

De herkeuring van oudere Wajongers (50+) gaat niet door, want als zij voor hun 18de arbeidsongeschikt waren, beschikken zij nu nog over onvoldoende arbeidsvermogen: “Tienduizenden mensen die ouder zijn dan 50 jaar en al heel lang een Wajonguitkering ontvangen, omdat zij voor hun 18de al een arbeidsbeperking hadden, kunnen opgelucht ademhalen. In de brief van het UWV die volgend jaar bij hen op de mat valt, zal staan dat zij ‘geen arbeidsvermogen’ hebben en dus niet worden gekort op hun uitkering.” (www.trouw.nl). Lees het hele artikel hier.

De Wet arbeidsongeschiktheid jonggehandicapten (Wajong) biedt jonggehandicapten een uitkering op minimumniveau. De basis is het bruto minimumloon, wat elk jaar op 1 januari en op 1 juli wordt aangepast, dus ook de Wajong wijzigt op die data.

Tot 2018 worden alle Wajongers opnieuw ingedeeld: hebben ze arbeidsvermogen of niet? Bij Wajongers die na 2010 zijn ingestroomd is die indeling meestal al gemaakt. Krijgen zij een werkregeling, dan hebben zij arbeidsvermogen. De herindeling gaat daarom vooral over mensen die vóór 2010 in de Wajong zijn gestroomd.
Gevolg van de herindeling is dat in 2018 Wajongers met arbeidsvermogen een lagere Wajonguitkering krijgen (5% lager). De Wajongers die arbeidsvermogen hebben, kunnen ondersteund worden naar werk. Hierover zijn ook in het Sociaal Akkoord afspraken gemaakt. Er komen 125.000 extra banen bij de komende 10 jaar die bedoeld zijn voor onder andere Wajongers. Vakbond FNV maakt bovendien over extra garantiebanen met werkgevers afspraken in de cao’s.

In 2015 heeft het UWV aan 30.000 Wajongers aangegeven dat zij over ‘arbeidsvermogen’ beschikken. Oftewel: zij kunnen werken. Daar was de helft van de jonggehandicapten het overigens niet mee eens. “Soms terecht, soms onterecht en soms kwamen zij er na een gesprek met elkaar niet uit. Dat leidde ertoe dat 4.200 van hen opnieuw door UWV-arts zijn beoordeeld. Bij iets meer dan helft werd toch besloten dat zij kunnen werken, al is het maar een paar uur per week. Zij zullen daarom vanaf 2018 gekort worden in hun uitkering met 5%.” (bron: Trouw, 7 april 2016)

Instrumenten voor werkgevers

“Werkgevers die iemand met een arbeidsbeperking een baan geven, komen voor veel subsidies in aanmerking. Zo is er:

  • loonkostendispensatie
  • loonkostensubsidie
  • begeleiding door jobcoach wordt door de overheid volledig vergoed
  • bedrijf kan hulp krijgen bij herinrichten van werkplek (ook betaald door de overheid)
  • no-riskpolis: de werkgever hoeft niet door te betalen bij ziekte
Als een werkgever de weg in subsidieland goed weet, kost een baan voor een Wajonger financieel gezien niets, weet het UWV.” (bron: Trouw, 7 april 2016).

Doelgroepenregister

 Leerlingen en voormalige leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs (vso) worden vanaf 1 april 2016 zonder medische en arbeidsdeskundige beoordeling opgenomen in het doelgroepenregister. Leerlingen die in het doelgroepenregister willen worden opgenomen, kunnen hiervoor het formulier Aanvraag Beoordeling arbeidsvermogen opsturen. Op dit formulier geven ze aan dat ze vso volgen of gevolgd hebben. Ook sturen zij de toelaatbaarheidsverklaring (tlv) mee met de aanvraag. Een medische en arbeidsdeskundige beoordeling is dan niet nodig. Wij nemen deze leerlingen op in het doelgroepenregister. Het formulier Aanvraag Beoordeling arbeidsvermogen kunnen zij downloaden via uwv.nl bij Aanvragen Beoordeling arbeidsvermogen.
Burgers met een arbeidsbeperking die zijn opgenomen in het doelgroepenregister vallen onder de banenafspraak. Dit kan voor een werkgever een reden zijn om deze burgers in dienst te nemen. Zij hebben daardoor een grotere kans op een betaalde baan. Het Werkbedrijf, een overlegorgaan tussen werkgevers, gemeenten, UWV en vakorganisaties, is betrokken bij de uitvoering van het doelgroepenregister én de garantiebanen.

Verschil garantiebaan en beschut werk

Garantiebaan is voor mensen met een (lichte) arbeidsbeperking. Die kunnen dan gaan werken met een loonkostensubsidie bij een reguliere werkgever en die dan minimaal 100% van het WML of het Cao-loon gaan verdienen. Dit zijn mensen die vallen onder de 125.000-regeling.
Beschut werk is voor mensen met een (lichte) arbeidsbeperking, die op een beschutte, dus aangepaste werkplek met aangepaste omstandigheden moeten gaan werken. De werkgever moet daarvoor meer dan normale aanpassingen doen om dat mogelijk te maken. Het werk kan variëren van eenvoudige taken tot meer complex werk. Ook hier dient minimaal 100% van het WML of het Cao-loon betaald te worden. Beschut werk is géén garantiebaan, want deze doelgroep komt niet in dienst van een reguliere werkgever als gevolg van de mate van werkaanpassing én als gevolg van de mate van begeleiding. Omdat de SW-toegang op slot zit, moeten er voor deze groep andere mogelijkheden door de overheid worden gecreëerd.
Afhankelijk van hun beperking komen met name leerlingen van het praktijk- en speciaal onderwijs voor deze vormen van arbeid in aanmerking.
Het UWV beoordeelt of iemand arbeidsvermogen heeft. Iemand heeft in de ogen van het UWV arbeidsvermogen als:
– hij een taak kan uitoefenen als onderdeel van zijn baan
– hij beschikt over basale werknemersvaardigheden, zoals het houden aan afspraken
– hij zonder intensieve begeleiding tenminste 1 uur aaneengesloten kan werken
– hij minimaal 4 uur per dag kan werken (dus 20 uur per week)